De optie om uw werk via e-mail te verzenden, moet via de webinterface worden geconfigureerd. Lees het artikel Geavanceerde instellingen voor meer informatie over de toegang tot de webinterface.

1

Wanneer de webinterface van het apparaat is geopend, selecteert u het tabblad Setup, kiest u E-mailinstellingen en start u de wizard.

2

Voer het serveradres, de versleutelingsmethode en het poortnummer in. De geselecteerde versleuteling moet door de e-mailserver worden ondersteund.

  1. Zowel de TLS- als de STARTTLS-versleutelingsmethodes vereisen servercertificaten. In de meeste gevallen kunnen de servercertificaten worden gevalideerd met de CA-lijst die vooraf op het apparaat is geïnstalleerd. Na de test van de verbinding volgt u indien nodig de e-mailwizardinstructies om de certificaten te uploaden.

  2. Als u Geen in het veld van de versleutelingsmethode selecteert, moet u geen certificaat uploaden. Selecteer Verbinding testen om naar de volgende stap te gaan.

3

Voer de gebruikersnaam, het wachtwoord en het e-mailadres in waarmee de whiteboards of aantekeningen zullen worden verzonden. Als u Geen in het veld van de versleutelingsmethode hebt geselecteerd, moet u alleen het e-mailadres invoeren.

4

Selecteer Controleren en opslaan. Uw apparaat is nu geconfigureerd om whiteboards en aantekeningen via e-mail te verzenden.