De gadget Klantcontext: functies

De gadget Klantcontext wordt automatisch ingeschakeld in uw agentendesktop wanneer:

  • uw organisatie rechten heeft om Context-service te gebruiken.

  • Cisco Finesse is geregistreerd bij Context-service.

U kunt ook de gadget Uitgebreide klantcontext inschakelen. Gebruik de gadget Uitgebreide klantcontext om informatie over de klant, het verzoek, en de activiteit te beheren. Wanneer u een gesprek beantwoordt, een chatbericht accepteert of een e-mailbericht van een klant opent, geeft de gadget Uitgebreide klantcontext de activiteit weer en voegt de gadget de activiteit toe aan een verzoek. Als uw telefoon-, chat- of e-mailtoepassing de klant identificeert, geeft de gadget ook de beschikbare informatie over de klant, het verzoek en de activiteit weer. Zie voor meer informatie De gadget Uitgebreide klantcontext inschakelen voor Teams in Cisco Finesse.

Overzicht van de gadget Uitgebreide klantcontext

  • Deelvenster voor klantbeheer: hier worden actuele open klanten weergegeven en maximaal 10 recente klanten. U kunt het deelvenster voor klantbeheer gebruiken om een klant te zoeken of om handmatig een nieuwe klant te maken. U kunt ook de muisaanwijzer op een klant zetten in het deelvenster voor klantmanagement om klantgegevens weer te geven. Zie voor meer informatie over het gebruik van het deelvenster voor klantbeheer Handmatig een klant maken of Een klant zoeken.

  • Klantreis: hier wordt een verzameling opgenomen interacties weergegeven tussen de klant en uw organisatie. Gebruik de klantreis als context voor klantverzoeken. Zie voor meer informatie over de klantreis Informatie over de klantreis weergeven of Reageren op een verzoek. U kunt ook activiteiten binnen de klantreis verplaatsen. Zie voor meer informatie Een activiteit verplaatsen

  • Klantgegevens: hierin wordt de klant geïdentificeerd en worden de klantgegevens weergegeven, waaronder de naam, het e-mailadres en het telefoonnummer van de klant. Zie voor meer informatie Klantinformatie bijwerken of Een nieuw klantrecord maken.

  • Details van het verzoek: bevat informatie over de bedoeling van de klant. Details van het verzoek zijn onder andere de naam van het verzoek en een beschrijving van het probleem van de klant. Context-service sluit elk verzoek automatisch vijf dagen nadat het verzoek of enige activiteiten gekoppeld met het verzoek zijn bijgewerkt.

  • Activiteitsdetails: biedt informatie over een specifieke klantinteractie. Activiteitsdetails zijn onder andere het mediatype van de activiteit en de tags die zijn toegewezen aan de activiteit. Omdat elke specifieke activiteit verschillende velden kan bevatten, kunnen de activiteitsdetails verschillen tussen activiteiten.

      

    Beheerders kunnen Cisco Webex Control Hub gebruiken om te wijzigen welke velden worden weergegeven in een activiteit. Zie voor meer informatie Context-servicevelden beheren en Context-serviceveldsets beheren.

  • Opmerkingen: bevat aanvullende informatie over een klantinteractie. Opmerkingen zijn specifiek voor elke activiteit. Zie voor meer informatie Een opmerking toevoegen.

  • Verzoek toevoegen: hiermee maakt u een nieuw verzoek. Maak een nieuw verzoek om klanten te helpen met een probleem dat niet is gerelateerd aan een van hun huidige verzoeken. Zie Een nieuw verzoek maken voor meer informatie.

  • Activiteit verplaatsen: hiermee verplaatst u de activiteit naar een andere klant. Zie voor meer informatie Een activiteit verplaatsen.

  

Klik op de koppelingen in de gadget Klantcontext om de koppeling in een nieuw tabblad te openen. U kunt op koppelingen klikken in de details van een verzoek, een activiteit of een werkitem, zelfs wanneer u de details niet kunt bewerken.

Vond u dit artikel nuttig?